De Gloeiige, een volksverhaal uit Bakel
By Tarotvoorbeginners / juli 2, 2026 / Geen reacties / Folklore, Magie, Uncategorized
In De Peel gaan al generaties lang een verhaal rond over iets wat men De Gloeiige noemt.
Het is geen gewoon waarschuwingsverhaal, maar ook een sage. Ouderen zeggen dat je in bepaalde delen van het buitengebied beter niet te lang blijft hangen wanneer het donker wordt, vooral niet richting de nattere stukken van het land. Want daar, zo wordt verteld, kan De Gloeiige verschijnen.

Het verhaal
Bij Bakel, aan de rand van De Peel, wordt al generaties lang een verhaal verteld over de Gloeiige.
Het wordt verteld als een waarschuwing: Iemand zegt dat je ’s avonds beter niet te ver het veld in moet gaan, “zeker niet richting het natte stuk achter de akkers”. En dan valt de naam: de Gloeiige.
Volgens het verhaal zie je hem niet overdag. Alleen wanneer het licht al weg is, maar de nacht nog niet helemaal gevallen. Dan kan er boven het lage land een schijnsel ontstaan. Een soort lichtje. Soms stil, soms langzaam bewegend.
Een jongen uit Bakel zou er ooit alleen langs zijn gekomen. Hij was later buiten dan verstandig was, en moest via een omweg terug naar huis. Toen hij langs het moerasachtige stuk kwam, zag hij het licht. Eerst ver weg, tussen de donkere randen van het land.
Hij dacht dat er iemand stond. Misschien een lantaarn. Misschien een boer die nog aan het werk was.
Hij liep ernaartoe.
Maar hoe dichter hij kwam, hoe minder het leek te kloppen. Het licht stond nooit op dezelfde plek. Het leek niet dichterbij te komen, ook al liep hij harder. Op een gegeven moment wist hij niet meer zeker waar hij precies liep.
Toen hij eindelijk thuis kwam, zei hij dat hij iets had gezien dat hem van het pad had gehaald. Iets dat niet stil bleef staan.
Zijn vader luisterde en knikte alleen. Hij zei dat hij er niet meer naartoe had moeten gaan. Dat het de Gloeiige was geweest. En dat je daar beter van wegbleef, als je hem eenmaal zag.
Een gestalte
Hoewel De Gloeiige soms lijkt op een dwaallicht dat over het land beweegt, gaan er andere verhalen over de Gloeiige te ronde. Hierbij wordt De Gloeiige beschreven als een gestalte dat ronddwaalt. Een gestalte dat lijkt te gloeien, te branden. De verhalen die hierbij horen, hebben te maken met het liegen over grenzen.
Vroeger waren er vaak discussies over de ligging van grenzen van dorpen of grondbezit. Dan kwam er een landheer, of een andere hooggeplaatste, ter plaatse om de situatie te inspecteren en te helpen vaststellen waar de grens lag. Hij vroeg de betrokken partijen om te zweren dat zij op hun eigen grond stonden. Goede christenen konden niet liegen, was het idee.
Bij een discussie over de grens tussen Bakel en Venray moesten de raadsleden zweren over het grondbezit. De raadsleden bedachten echter een list. Zo vertelt men dat de vertegenwoordigers van Venray zand uit Venray in hun schoenen deden en een lepel in hun hoed verborgen. Voor de heer verklaarden zij: “Wij zweren bij onze Schepper dat wij op Venrayse bodem staan.” De landheer geloofde ze. Maar vertelden ze de waarheid? Enigszins. Met de schepper bedoelden ze de lepel en door het zand in hun schoenen stonden zij letterlijk op Venrayse grond, al bevonden zij zich in werkelijkheid in Bakel.
Door deze list verloor Bakel, volgens de sage, een stuk van de Peel aan Venray. De mannen uit Venray werden echter na hun dood gestraft voor hun bedrog: zij moesten eeuwig als Gloeiige door de Peel blijven zwerven.
Wie nu in het donker of de mist door De Peel dwaalt, zou ze nog wel eens tegen kunnen komen…
Geen uniek licht
Het motief van een licht dat rondzweeft is niet uniek. Ik schreef al eerder over dwaallichten. In vrijwel heel Noordwest-Europa bestaan vergelijkbare beschrijvingen. In Engeland heet het will-o’-the-wisp. In Scandinavische tradities spreekt men over dwaallichten in moerassen en veengebieden. In Duitsland duiken ze op in volksverhalen rond heide en veen. En ook in Nederland, vooral in de Peel en Brabantse zandgronden, zijn ze bekend onder verschillende namen: dwaallicht, dwaalvuur, of simpelweg “licht in het veld”.
Desalniettemin, is de omschrijving van De Gloeiige net iets anders. Hoewel het beeld soms lijkt op een dwaallicht dat over het land beweegt, hoort De Gloeiige in de Brabantse sagen eerder thuis in een ander motief: dat van de “rusteloze dode” of vervloekte verschijning. Het moraal van De Gloeiige lijkt meer een waarschuwing te zijn: Liegen wordt bestraft.
Ben jij nu ook benieuwd of je daar daadwerkelijk de Gloeiige zou tegenkomen als je daar gaat wandelen in de schemer?