De Vliegende Hollander: Legende over een spookschip
By Tarotvoorbeginners / september 3, 2026 / Geen reacties / Folklore, Magie
Laatst las ik in het sprookjesboek van de Efteling over De Vliegende Hollander. Tot mijn verbazing ging het verhaal niet helemaal zoals ik het in mijn hoofd had. In mijn hoofd was het een soort vervloekt schip, zoals The Black Pearl in Pirates of the Caribbean. Ze hebben een vervloekte schat meegenomen en nu moeten ze tot in den eeuwigheid rondvaren, dacht ik. Dat bleek niet zo te zijn. Het schip werd vervloekt, doordat ze uitvoer op een dag dat ze niet had mogen uitvaren.

Een spooklegende
De Vliegende Hollander is misschien wel de bekendste spooklegende uit de maritieme geschiedenis. Het verhaal wordt al eeuwenlang verteld door zeelieden (en door de Efteling). Het gaat over een mysterieus schip dat nooit een haven bereikt en gedoemd is om voor eeuwig over de woeste zeeën te varen.
Volgens de legende brengt het zien van De Vliegende Hollander ongeluk. Wie het schip tegenkomt, zou stormen, schipbreuk of zelfs de dood tegemoet varen.
De oorsprong van de legende
De legende ontstond waarschijnlijk in de zeventiende eeuw, toen Nederlandse schepen de wereldzeeën bevoeren. In die tijd was het normaal om maandenlang over zee te reizen en allerlei gevaren mee te maken. Orkanen, mistbanken, onbekende wateren en ziektes maakten iedere overtocht een gevaarlijk avontuur.
Het verhaal van De Vliegende Hollander gaat over de Nederlandse kapitein Van der Decken (soms Hendrick, soms Willem) die op paasmorgen tijdens een zware storm rond Kaap de Goede Hoop koste wat kost wilde doorvaren. Terwijl de golven hoger werden en de bemanning smeekte om terug te keren, weigerde de kapitein.
Hij zou hebben geroepen:
“Al moet ik varen tot de Dag des Oordeels, ik vaar rond deze kaap!”
Hij zou ook zijn stuurman overboord hebben gegooid en hebben geroepen “God of de Duivel!“
Die woorden zouden zijn vloek zijn geworden. Het schip raakte in de macht van de Duivel.
Vanaf dat moment werd het schip veroordeeld om eeuwig over de oceanen te dwalen, zonder ooit nog een haven te bereiken.
Is De Vliegende Hollander echt gezien?
Door de eeuwen heen beweerden verschillende zeelieden het mysterieuze schip te hebben gezien.
Vaak beschreven zij een oud zeilschip dat plotseling uit een dichte mist verscheen. Soms leek het schip boven het water te zweven. Anderen zagen vreemde groene of blauwe lichten rondom de masten branden. Heel spookachtig.
Ook wordt er gezegd dat het juist met bloedrode zeilen over het water vaart, tegen de wind in.
Wanneer men dichterbij probeerde te komen, verdween het schip weer alsof het nooit had bestaan.

Zijn er variaties op de legende?
Zoals hierboven beschreven gaan er al verschillende versies rond van hoe het schip eruit ziet. Ook de naam van de kapitein wil nog wel eens wisselen in de verhalen.
Het verhaal zou ook kunnen gaan over kapitein Fockesz, die in 1678 met zijn VOC-schip naar Indië voer. Hij voer zo snel naar Indië dat men geloofde dat hij een pact met de Duivel had gesloten. Hij zou zeven jaar lang de wind in de zeilen hebben gekregen, maar moest daarvoor in ruil eeuwig blijven varen.
Ook het verhaal van Pirates of the Caribbean en Davy Jones doen natuurlijk erg denken aan De Vliegende Hollander.
Terneuzen
Terneuzen heeft De Vliegende Hollander aangenomen als een symbool van de stad. Er wordt gezegd dat Terneuzen de stad is waar de kapitein vandaan kwam en vanwaar het schip vertrok. Deze aanname heeft Terneuzen te danken aan de Engelsman Frederick Marryat. Hij schreef in 1837 een verhaal (The Phantom Ship) waarin hij Terneuzen de thuishaven maakte van De Vliegende Hollander.
Naar het schijnt woonde hij met zijn dochter in het vestingstadje in de jaren 30 (19e eeuw) en had hij deelgenomen aan de Engelse invasie op Walcheren in 1809. Hij had het alleen zo slecht naar zijn zin in de stad, dat hij er een vervelend vervloekt verhaal over schreef.
Sindsdien is de legende gekoppeld aan Terneuzen. Op sommige momenten zul je in Terneuzen dan ook De Vliegende Hollander over braderieën e.d. zien lopen.
In 1971 werd in Terneuzen de Stichting de Vliegende Hollander opgericht. In 1972 ontwierp kunstenaar Piet Griep een beeld van een (vervloekt) schip dat een plaats kreeg in het water tussen de Herengracht en de Rosegracht.

De legende van De Vliegende Hollander
Lang geleden, toen de zeeën nog vol geheimen waren en de horizon voor velen het einde van de wereld leek, voer een trots Nederlands koopvaardijschip over de woeste oceaan. De kapitein van het schip was Hendrik van der Decken, een man die nergens bang voor was. Hij kende de zee als geen ander en geloofde dat geen storm hem ooit zou kunnen verslaan.
Op een donkere avond naderde zijn schip Kaap de Goede Hoop. De lucht kleurde zwart en de wind joeg met bulderend geweld over de golven. De zee werd woest en de masten kraakten alsof ze ieder moment konden breken.
De bemanning keek angstig naar de kapitein.
“Kapitein,” smeekten zij, “laten we terugkeren. Geen schip kan deze storm trotseren.”
Maar Hendrik schudde zijn hoofd. Zijn ogen bleven gericht op de kaap die als een donkere schaduw uit de zee oprees.
“Wij keren niet om,” sprak hij vastberaden. “Al moet ik tot het einde der tijden varen, ik zal deze kaap ronden.”
Nauwelijks had hij deze woorden uitgesproken of een felle bliksem spleet de hemel doormidden. De zee leek te bevriezen en een diepe stilte viel over het water.
Toen klonk een stem. Niemand wist waar zij vandaan kwam. Zij kwam niet uit de lucht, niet uit de zee en niet van het schip. Toch hoorde iedereen haar.
“Zoals je hebt gesproken, zo zal het zijn.”
Op hetzelfde ogenblik stak de storm opnieuw op, heviger dan ooit tevoren. Golven zo hoog als kerktorens sloegen over het dek en het schip verdween in een muur van regen en schuim.
Sinds die nacht heeft niemand Hendrik van der Decken of zijn bemanning ooit nog levend teruggezien.
Desalniettemin vertellen zeelieden al eeuwenlang dat zij soms een oud driemastschip uit de mist zien verschijnen. De zeilen zijn gescheurd, maar toch vaart het schip zonder moeite tegen wind en storm in. Er branden geen lantaarns en geen enkel geluid klinkt vanaf het dek.
Wie goed kijkt, ziet mannen in oude kleding zwijgend over het dek dwalen. Hun gezichten zijn bleek en hun ogen lijken niets meer van de wereld om hen heen te zien. Aan het roer staat nog altijd de trotse kapitein, zijn blik onafgebroken gericht op de verre horizon, alsof hij nog steeds probeert de kaap te bereiken die hij nooit zal passeren.
Nog voordat een ander schip dichtbij kan komen, trekt er een dichte mist op. Wanneer die weer optrekt, is De Vliegende Hollander verdwenen.
En op stormachtige nachten, wanneer de wind huilt langs de kust en de golven tegen de rotsen slaan, menen sommigen in de verte nog steeds een donker schip te zien varen. Gedoemd om voor eeuwig over de zeeën te dwalen.
Bronnen: Wikipedia, Zeeuwse ankers